Inhumaan

Inhumaan

Telecare, of zorg op afstand, is een onderwerp dat de meningen meestal sterk weet te verdelen. Er zijn twee kampen: de gelovers en de sceptici. De gelovers roepen dat telecare de toekomst is, dat het ons gaat verlossen van het probleem van de vergrijzing, dat het langer thuis wonen voor ouderen mogelijk maakt, dat het mensen vrijheid en autonomie zal bieden. De gelovers wijzen erop dat onze samenleving ingrijpend is veranderd door techniek en dat het een kwestie van tijd is voordat de zorg ook radicaal gaat veranderen: techniek is de toekomst.

Door: Louis Neven

Er wordt veel gepraat over en geïnvesteerd in zorgtechnologie. De toekomst van onze zorg wordt radicaal anders, zo zegt men. Maar wat gebeurt er nu echt als we die technologie in de praktijk inzetten? Louis Neven, lector Active Ageing bij Avans Hogeschool, verzamelt ervaringen met zorgtechnologie uit de alledaagse praktijk. En deelt die maandelijks via www.activeageing.nl met u. Op deze pagina kunt u al zijn columns terugvinden.

Tegenover de gelovers staan de sceptici. Zij wijzen op de gefaalde zorgtechniekprojecten uit het verleden – daar zijn er genoeg van – en zeggen dat het niks is en nooit wat zal worden. Bovendien vinden ze dat zorg en technologie per definitie niet samengaan. Het zijn tegenpolen: warme, menselijke zorg versus koude, onmenselijke techniek. De sceptici zijn stellig: zorgen met techniek is inhumaan.

Enkele jaren geleden werkte ik in het eigenzinnige universiteitsstadje Lancaster in Noord-West Engeland. Ik was onder andere betrokken bij het EforTT project over ethiek en telecare1. Hierbij ging het om vragen als: wat zijn de ethische aspecten van telecare? Kun je goed zorgen met telecare? Is telecare inhumaan? In plaats van ethiek van achter de schrijftafel te bedrijven, zoals in de context van zorgtechniek te veel gebeurt, gingen deze onderzoekers in allerlei landen op zoek naar telecaretechnologie die al in de praktijk gebruikt wordt. Ze bestudeerden de ethische gevolgen van telecare in het alledaagse leven.

In een artikel2 laten Roberts, Mort en Milligan – allen nauw betrokken bij het EforTT project – zien dat telecare niet altijd goede zorg oplevert, zeker als de introductie van telecare gepaard gaat met bezuinigingen. Ze laten ook zien dat telecare niet kan bestaan zonder hulpdiensten, mantelzorgers en zorgprofessionals die ter plaatse kunnen gaan. En ze laten de angsten en de onmacht zien van de telezorgers die proberen om te gaan met een potentiële noodsituatie. Zo beschrijven de onderzoekers het voorbeeld van een telecaresysteem dat melding maakt van de aanwezigheid van gas in de lucht bij een cliënt met dementie die alleen thuis woont. De telezorger legt contact met de bewoner, maar deze houdt vol: ‘Ik heb helemaal geen gas’, terwijl de telezorger weet dat het wel zo is. Het zijn angstige momenten voor de telezorger totdat een mantelzorger of hulpverlener ter plaatse is. En daarbij komt het voor dat mantelzorgers niet te bereiken zijn en de politie aan andere zaken prioriteit geeft (zeker als er al een historie van valse alarmen is).

Daarentegen laten de onderzoekers ook zien dat er warme menselijke relaties kunnen ontstaan via telecare. Ze geven voorbeelden van ouderen die tot 10 keer per dag contact hebben met hun telezorger, van ouderen die een kerstkaartje sturen aan hun telezorger of een bedankbriefje omdat ze in een noodsituatie goed zijn bijgestaan. In extreme gevallen is de telezorger de enige persoon die ‘aanwezig’ kon zijn toen iemand stierf.

Telezorg maakt ook vormen van zorg mogelijk die eerder niet bestonden. Roberts en collega’s beschrijven het voorbeeld van een oudere dame die slecht slaapt en ’s nachts angstig en onrustig is. Het systeem detecteert dat de dame uit bed is. Via een spreekluisterverbinding ontstaat er een gesprek. Omdat de telezorgers haar kennen, weten ze dat ze nog een kopje thee kan zetten. Ze begeleiden haar naar de keuken, waar ze een kopje thee voor zichzelf zet. De thee en het gesprek kalmeert de dame waarna ze weer terug naar bed gaat. Dit is een vorm van zorg die niet mogelijk is zonder telecare en waarmee deze dame wel geholpen is.

Het is dus mogelijk om goed te zorgen met telecare. Het is ook mogelijk om buitengewoon beroerd te zorgen met telecare. De vraag of telecare ‘goed’ is heeft geen simpele antwoorden. Het moet dan ook niet gaan om ‘voor’ of ‘tegen’; ‘de toekomst’ of ‘inhumaan’. Het gaat erom dat we zorg – ook op afstand – op een menselijke, zorgzame en ethische manier invullen.

Heeft u ook ervaringen met zorgtechnologie en wilt u die delen, dan horen we ze graag. Het mogen positieve of negatieve verhalen zijn; dingen die u aan het lachen maakten, u verdrietig maakten of aan het denken zetten. We zijn geïnteresseerd in die verhalen omdat wij ze gebruiken in ons onderwijs over zorg en technologie. Mail uw verhaal naar: GET-LAB@avans.nl.

1. http://www.lancaster.ac.uk/efortt/

2. Roberts, C., Mort, M., Milligan, C. (2012) Calling for Care: ‘Disembodied’ work, teleoperators and older people living at home. Sociology, 46 (3) 490-506.

Foto: Max Pixel

website: Netcreators